’16-’17: AV #3 – Samenlevingsplan

Op onze school werd een samenlevingsplan uitgewerkt, met de focus op een veilig en warm schoolklimaat, sociale vaardigheden en pestpreventie.

De presentatie van het samenlevingsplan wordt gegeven door Anne Dierickx en kan je in de bijlage bij dit verslag nog eens nakijken.

Het samenlevingsplan is een onderdeel van het schoolwerkplan, en maakt ook deel uit van kwaliteitsvol werken.

Enkele uitgelichte punten:

  • Pesten is niet hetzelfde als plagen. Plagen wordt wel ook au serieux genomen.
  • Er gaat veel aandacht naar fundamentele preventie: dit gaat over het bewaken van een positief en warm schoolklimaat zodat kinderen zich goed voelen op school.
  • Het toezicht over de middag gebeurt door opvoeders en niet door leerkrachten. Als er een voorval is, of een probleem tussen kinderen, wordt dit doorgegeven aan de betreffende leerkracht, die dit dan verder opneemt met de betrokken kinderen.
  • Bij een pestprobleem, wordt een stappenplan gevolgd, waarbij aandacht is voor het kind dat zich gepest voelt, het kind (of de kinderen) die als pester worden aangeduid en ook de andere kinderen in de klas (omstaanders of meelopers).
  • De leerkrachten volgen nascholing over dit thema.
  • Een onderbouwd en doordacht samenlevingsplan vindt deze school belangrijker dan bijvoorbeeld 1 ‘week tegen pesten’ (cfr. Ketnet) = duurzamer. De week tegen pesten kan wel een deeltje zijn in het geheel.

Vanaf welk ‘moment’ word je als ouder ingelicht?

Bij een gewone ruzie worden ouders niet ingelicht. Als leerkrachten aanvoelen dat het ernstiger is dan een gewone ruzie, worden ouders wel ingelicht of betrokken.

De STOP-klas wordt pas opgestart in samenspraak met de ouders. Het zijn ook de ouders die dit moeten aanvragen bij het STOP-team (info: www.stop4-7.be), na overleg met de school.

Heeft het zin als een pester op school op zijn verantwoordelijkheid wordt gewezen, als het thuis niet diezelfde boodschap krijgt?

Het kan zeker een meerwaarde hebben om de ouders te betrekken. In functie van herstel en opvolging, is het zinvol als de ouders van zowel het gepeste kind als de ouders van de pester betrokken worden en eventueel met elkaar in gesprek gaan.